Uitdaging 4: Bosbranden

Door klimaatverandering hebben we ook in Nederland steeds vaker te maken met langere periodes waarin er weinig tot geen regen valt. Hierdoor wordt het risico op bosbranden groter. En hoe tegenstrijdig het ook klinkt, het planten van nieuw bos is júist een manier om bosbranden minder snel te laten verspreiden.

Monoculturen versus gevarieerde bossen

De afgelopen decennia zijn er in Nederland veel monoculturen geplant: bossen die uit één of enkele boomsoorten bestaan. Bossen met naaldbomen zoals fijnsparren zijn hier een goed voorbeeld van. Deze naaldbossen zijn erg brandgevoelig. Daarom vinden we het vanuit Trees for All belangrijk om gevarieerde bossen te planten, met meerdere bomen en struiken. En vooral: meer loofboomsoorten.

Loofbomen laten in de herfst hun blad vallen. Daardoor zijn ze kaal in het vroege voorjaar, een periode die erg gevoelig is voor bosbranden. Hierdoor zijn ze minder gevoelig voor bosbranden en zorgen ze ervoor dat het vuur zich minder snel verspreidt.

Brandpreventie

Daarnaast is bosbeheer een belangrijk thema als het gaat om brandpreventie. Denk daarbij aan het opruimen van dood hout in de buurt van paden waar veel mensen komen of aan het aanleggen van brandgangen op plekken waar geen bomen staan. Deze brandgangen zijn eigenlijk een stoplijn voor bosbranden. Het vuur kan de volgende bomen niet over zo’n kaal pad bereiken en dooft zo uit. Onze projectpartners, die verantwoordelijk zijn voor het beheer en onderhoud van het bos, zien hierop toe.